Het vijfde moest afgelopen maandagavond voor haar zesde wedstrijd op bezoek bij het derde team van De Vennep. Op papier een makkelijke tegenstander. Ze stonden na vijf ronden stijf onderaan met nul punten, waren reeds gedegradeerd en ze hebben een gemiddelde rating die een kleine 200 punten lager is dan dat van ons. Tegen ons zevende hadden ze met 7½-½ op hun broek gekregen. Voor de fiere koploper van de NHSB 3D zou dit een routineklusje moeten zijn. Ondanks het feit dat ik ‘de mannen’ van tevoren uitgebreid gewaarschuwd had voor het gevaar van onderschatting, liep ik vroeg op de avond al rond te bazuinen dat we de nul gingen vasthouden. U begrijpt het, al met al een zeer gevaarlijke tegenstander.
De Vennep speelt, wegens brand in de oude speellokatie, sedert een kleine twee jaar in een nieuw onderkomen. Bij binnenkomst is het eerste wat opvalt een prachtige dart-arena. Het schaken vond plaats in een achterafzaaltje dat bereikt wordt door achter de dartborden langs te lopen. Gelukkig werd er die avond niet gegooid, het schaakt toch wat minder met zo’n pijltje in je oor.
Na krap een uurtje kwam Herman vertellen dat hij gewonnen had. Niets bijzonders. Even later hoorde ik dat Stephan remise had gespeeld. Hoe kon dat nu toch? Nog vreemder was dat Stephan zeer tevreden leek over z’n partij. Heel apart. Weer wat later bleek dat Patrick geblunderd had en direct kon opgeven. Langzaam begon het bij mij te dagen dat deze avond niet helemaal volgens plan aan het verlopen was.
Antonis had weer last van z’n knie en dat hielp zijn concentratie niet. Het werd al snel duidelijk dat ook hij ging verliezen. Dit werd gelukkig weer rechtgezet door invaller Hans. Met het openbaar vervoer uit Amsterdam gekomen zat hij stoïcijns achter het bord. Ik begreep van anderen dat hij zeker niet de hele partij goed heeft gestaan, maar hij won wel, waarna hij snel moest gaan om aan de ingewikkelde terugreis te beginnen. Een nette invalbeurt, waarvoor dank.
Lex stond naar eigen zeggen beter, maar kon dat niet verzilveren. Remise. Met nog twee partijen te gaan stonden we dus gelijk. Stephan kwam mij al vertellen dat een gelijkspel ook niet zo gek zou zijn en gezien de stand op de twee overgebleven borden was dat inderdaad een gerede mogelijkheid. Wat een deceptie. In mijn eigen partij ging het ook al niet zo best. Weliswaar stond ik een pionnetje voor, maar het initiatief lag bij mijn tegenstander (voor diegene die weten hoe ik schaak zal dit niet als een verrassing komen). In het late eindspel kreeg ik opeens te horen dat op het andere bord de zaken gekeerd waren en dat Yorick nu veel beter stond. Subiet bood ik remise aan, wat mijn tegenstander eigenlijk zonder nadenken accepteerde. Niet handig natuurlijk, vooral ook omdat hij de enige was die nog op winst kon spelen. Toen even later de tegenstander van Yorick een toren weggaf was de opluchting compleet. Toch gewonnen!
Slecht spelen en toch winnen, zo word je kampioen. Desalniettemin hoop ik dat we de laatste ronde wat beter spelen.






