Het leek de 16e november zo'n heerlijk schaakavondje te worden, thuis tegen De Uil 5. Er stond geen parkeergarage in brand - dat gebeurt wel eens alhier, het Spaarne trad niet buiten z'n oevers en er was maar één Haarlemmer politiek in opspraak! Kortom, geen enkel probleem. Een mooie avond om de schaakstukken eens flink te beroeren.
Maar toen ik vlak voor vertrek naar de club op internet zag wat de uitslag vorig jaar was, begon de moed me in de schoenen te zinken. Vorig jaar namelijk had De Uil ons met 1,5- 6,5 elke illusie op een mooie seizoenstart ontnomen, hoewel de gemiddelde ratings van beide teams elkaar nauwelijks iets ontliepen. Dat was ook dit keer het geval. Dus toch maar moed houden!
Beide teams namen plaats achter de borden. Al snel was het enige geluid het indrukken van de klok en het geslurp aan de koffie. Vanuit mijn ooghoeken moest ik toezien hoe Charles Hensen zich na krap een uur spelen vergiste en zich bijna mat liet zetten, wat hem zijn dame zou kosten. Charles koos eieren voor zijn geld en streek zijn vlag. Als playing captain had ik verder weinig zicht op de andere borden, temeer daar ik mij zelf een pion afhandig liet maken. Geleideljk kwamen de punten op het scorebord, helaas vooral ten gunste van De Uil. Thijs Heijltjes aan het eerste bord kwam weliswaar een pion voor, maar moest die al snel weer weggeven en imoest in een dame-torenseindspel in remise berusten. Ruud Bulterman aan het achtste bord kwam 2 pionnen voor, maar aan de rand doe je daar niet zo veel mee. Ook remise. En Hans Huson moest bekennen dat hij met eeuwig schaak geven zichzelf heeft moeten redden. Liton van de Ree overzag dat zijn paard instond, waarna zijn tegenstander hem geleidelijk oprolde. Zo stond het ineens 1,5-3,5. Zou het dan toch weer verkeerd gaan?
Maar nee, Harm Jonker overrompelde zijn tegenstander, zoals zo vaak. Zelf had ik mijn achterstand inmiddels weer ongedaan gemaakt en eveneens afgewikkeld naar een eindspel met dame, torens en een paar pionnen. Zo'n stelling die je heerlijk kan verknoeien! Mijn tegenstander dacht er kennelijk hetzelfde over en bood remise aan. Ik heb er even over nagedacht, Charles die Jan volgde om advies gevraagd en toen maar het zekere voor het onzekere genomen. Is dat laf? Ach, ik ken mij zelf.
Maar Jan Schaap stond een volle toren voor en had, niet onbelangrijk, tien minuten meer tijd dan zijn tegenstander. Maar Jan moest winnen.! En dat deed hij. Met meer dan tien man om zich heen en van spanning trillende handen voerde hij de stukken over het bord, goed oplettend dat de tegenpartij hem niet zou verrassen. Zo kwam het dat zijn tegenstander uiteindelijk, in een verloren stelling, door zijn vlag ging. Eind goed, al goed. We hadden gelijk gemaakt en een punt gescoord. Geen revanche voor vorig jaar, maar tenminste niet afgestraft. Volgende keer gaan we winnen!






