HWP Haarlem

  • Lettertype vergroten
  • Standaard lettertype
  • Lettertype verkleinen

HWP@LCT

E-mail Afdrukken PDF

Omdat de vakantie dit jaar vroeg viel en in gepaste en noodgedwongen rust werd doorgebracht, besloot ik maar weer eens deel te nemen aan een van de zomertoernooien die in Nederland worden georganiseerd. De keus viel op het negenrondige LCT, het Leyden Chess Tournament, dat al weer voor de vierde keer op de rol stond, met een mooie bezetting. Alle elo-cohorten (tot 2600, dat wel) waren mooi bezet, en ik kwam ook Hicham en Jan-Theodoor tegen.

Stilletjes had ik mijn zinnen gezet op 5½ punt, maar alle titelhouders op mijn pad waren een maatje te groot: nullen tegen een FM, IM en GM. Opmerkelijk was de uniformiteit waarmee dat gebeurde: ik speelde een theoretisch variantje, dat als goed bekend staat omdat een 2700+ 't ooit heeft gespeeld (met goed resultaat) of in een boekje een aanbeveling oplevert als 'with comfortable play for black'. Daarna was het in twee zetten uit: in twee gevallen stond ik straal en in één geval in hogere zin verloren. Omdat ik ook tegen zulke lui niet graag binnen twintig zetten verlies, werd het nog een harde strijd, met tegenspel en een rommelkansje, maar dit zijn niet voor niets titelhouders en die weten wat afmaken is, ook (juist) als het moeilijk wordt.

Tegen de niet-gelauwerden ging het in grote lijnen niet anders, al werd meestal meteen vanaf acquit de schaaktheorie mishandeld, waarna een hard gevecht volgde met wisselende kansen. Echt vechtschaak dus, en misschien daarom niet eens zo verwonderlijk dat ik in de eerste drie witpartijen het Hollands mocht bestrijden, hoewel dat statistisch gezien zeker opmerkelijk is. De eerste partij was een Leningrader, waarin niet veel gebeurde tot zwart in de fout ging, zie diagram 1.

Hij overzag het trucje 22. Lxc6, maar counterde sterk: na 22... bxc6 23. Dxa6 c5 24. Da5 (wat anders? Er dreigde d5, met tegenspel) volgde 24...Txe3! Nu biedt 25. Dxd8+ wellicht meer winstkansen dan 25. Te1 wat ik speelde en niets opleverde.

De tweede Hollander was een Stonewall, remise dus. De derde was klassiek (pionnen op d6 en e6) en de eerste partij in dit toernooi waarvan ik zelf dacht dat er een aardig concept aan ten grondslag lag en dat ook nog eens verdienstelijk werd uitgevoerd, zie diagram 2.

Wit heeft zijn pionnen laten verrommelen voor mooie activiteit, maar zwart verdedigt zich creatief met 17...Pd8. Hij wil met 18...c6 de toren terugdringen en met paard en loper de witte koning uitroken. Volgens de vuistregel dat wanneer alles goed staat, de klap moet volgen, zocht ik naar zetten als 18. Ld4 en 18. Lf4 en zelfs 18. f4 maar kreeg het allemaal niet rond. Uiteindelijk koos ik maar voor het tweesnijdende 18. Lc5 en na 18...Ld6 19. Lxd6 cxd6 (ik kan deze keten later met c5 weer breken) 20.Ld5+ Kh8 21. Pe4 Pe6 22.Dd2 (profylaxe tegen Pg5) 22... Dg6?! 23.Tb6 Ta6 24.Txa6 bxa6 25.Pxd6 Pf4 26.Le4 Ph3+ 27.Kg2 De6?! 28.Lf5 won wit snel.

De vijfde ronde eindelijk geen Hollands, maar wel weer hetzelfde patroon. Nu mishandelde zwart de opening, maar toen het op schaken aankwam kantelde de partij en zwart dreigt, na nog wat voorbereidingen de dekking van pion e5 op te ruimen om ‘m vervolgens buit te maken, zie diagram 3.

Ik had een valletje voorbereid en speelde argeloos 26. Ph2 Lxe5 27. Pg4 en opeens is het lastig voor zwart; om te beginnen dreigt er na 27...Lxc3 28 Dxc3 simpel Txd7 en Pf6+. Een voor de hand liggende verdediging als 28...Dc7 29. Lf3 Td8 faalt op 30. Ph6+ Kf8 31. Dh8+ Ke7 32. Dg7 Tf8 33. Lxc6 Dxc6 34. Pg8+ Ke8 35. Txd7 met toren- of damewinst. Dit kwam helaas niet op het bord en had misschien wel een dagprijsje kunnen opleveren. De organisatie gaf die wel weg voor onbenulliger dingen. Zwart zag de bui hangen en probeerde nog 27...Ta2, maar na 28. Dxa2 Lxc3 29. Db3 en ruil van de witte lopers kon hij het eindspel niet houden. Hiermee stond ik op 5 uit 7 en de gestelde target leek binnen bereik, maar een latere cowinnaar en FM Erwich dachten daar anders over.

Over het LCT weinig anders dan lof. Ridder Jan beij-waakt het fort en ziet toe dat alles soepeltjes verloopt. Een keur aan arbiters houdt de schakers in de gaten en is vooral druk met het verzamelen van uitslagen en geld van overtreders van het mobi-aus gebod. Omdat we met tijdsincrementen vanaf zet een spelen, behoren ijzingwekkende tijdnoodtaferelen met ontbrekende notatie, omvallende stukken en onreglementaire zetten tot het verleden: een echte aanrader dus. Het LCT speelt de doordeweekse ronden om zeven uur ’s avonds en dat is eventueel te combineren met werk, en voor mij is het dan gunstig dat het Leids denksportcentrum goed en efficiënt vanuit Haarlem (waar ik woon) en Amsterdam (waar ik werk) met het OV te bereiken is. Aan de andere kant is dat wel een regime waarbij je geen sonjabakker meer nodig hebt. Kortom, het was  geslaagd en volgend jaar moet dat halfje extra maar eens vallen.

 
Reacties (3)
1 dinsdag 20 juli 2010, 20:10 uur
Adrie Pancras
Max, bedankt voor je goed leesbare verslag. Vanuit Haarlem volgde ik dagelijks je verrichtingen en extra leuk was dat in het weekend een van jouw partijen live te volgen was, zoals Richard Duijn via het forum ook liet weten. Volgend jaar op naar een IM-resultaat.
2 woensdag 21 juli 2010, 09:38 uur
Harry Lips
Mooi, maar enigszins misleidend verslag. Ik kreeg uit Max' bescheiden beschrijving van zijn prestaties de indruk dat hij zowat alles verloren had, maar 5 uit 9 is niet echt slecht!
3 woensdag 21 juli 2010, 18:33 uur
Max Merbis
Harry, dat valt toch wel mee? Ik had plaatsingsnummer 31 en eindigde als 30e, niets bijzonders dus. En tegen de GM/IM/FM was het zoals beschreven, of eigenlijk erger nog, want ontluisterend als je drie keer binnen een paar zetten een stelling achterstaat. Dat heeft gevolgen voor de bordvolgorde komend seizoen, zou ik zeggen (Teamleider opgelet!). Nog net niet voor de teamindeling, IMHO, want de enkele GM/IM in de NHSB-promotieklasse beschouw ik als dwaalgast. En dan heb ik het nog niet eens over mijn overwinning in r. 2 gehad. Zelden heb ik zo verloren gestaan en nog nooit zo'n totale collaps van een tegenstander meegemaakt. Twee dagen later kwam ik hem toevallig tegen op de wandeling van station naar speelzaal en heb toen voorzichtig gecheckt of ik nog een bijdrage moest leveren aan de rouwverwerking, in plaats van nog wat zout in de wonde te wrijven. Maar hij nam het heel sportief op, en had hier blijkbaar ruime ervaring mee. Concluderend, een objectieve poging tot waarheidsvinding, al zijn de schaduwen op de wand van de grot natuurlijk altijd een beetje vervormd.

© 2007 - 2009 HWP Haarlem